Ondanks dat de maandelijkse marathon pas aan editie vijf toe is, is zij al omringd door mythes, tradities en rituelen. Zo schrijft een ongeschreven wet voor dat elke nieuwe deelnemer de volgende maand een marathon organiseert. Zo was Jaap verleden maand voor het eerst aanwezig bij de Bijlmer marathon, en daarom stond op 24 april de Hele van Haarlem op het programma.

Rond 13.00 verzamelden de musketiers Edwin, Wouter, Lút bij Huize Jaap waar ze van harte welkom worden geheten. De wind is noordelijk maar de lucht strakblauw met een zijn best doend zonnetje. De club splitste zich gelijk in een team korte broek v.s. lange broek, maar verder zijn ze eensgezind om de marathon te volbrengen.

De vier musketiers

Na de start wordt Haarlem al spoedig verlaten en na enkele kilometers komen we in de iets grotere huizen van Aerdenhout, ook de praatjes zijn nog groot en Wouter meldt terloops dat hij op 5 juni met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid gaat deelnemen aan de 100 mijl van Sint Annen, een monsterachtige uitdaging. Maar alle deelnemers beamen eensgezind dat als iemand het kan, dan is het onze Wouter. Zo al keuvelend belanden we bij de ingang van de Amsterdamse Waterleidingduinen, hier dient een kaartje gekocht te worden, maar de organisatie laat weten dat het bij de prijs inzit (vraag niet hoe het kan, maar profiteer er van) en schaft routinematig vier kaartjes aan. Zo zetten we onze weg voort via het prachtige duingebied, waar ook nog een kudde herten ons glazig staat aan te kijken. Na enkele kilometers ploeteren we ons de zandduinen op en aanschouwen, al stroopwafel kauwend, de kustlijn.

ploeteren

De tocht gaat voort via de kustlijn, het is stoempen tegen de wind maar de sfeer is goed en het is gezellig druk op het strand. Na enkele kilometers verlaten we het mulle zand om eerst even al het overbodige strand uit onze schoenen te kloppen. Wouter vraagt heel fatsoenlijk aan een dame of hij ook even op haar bankje mag zitten, maar de mevrouw beroept zich op corona maar alles aan de lichaamstaal laat zien dat hij ook weinig kans had gemaakt als er geen wereldwijde pandemie was geweest. De bitse opmerking dat hij naar zweet stinkt, en nog iets over zijn haardracht zorgt ervoor dat enkele kilometers verderop Wouter het nog steeds moeilijk heeft met alle aantijgingen.

Onze tocht gaat ondertussen voort via de promenade met uitzicht op zee en zo belanden we in Zandvoort aan zee (we nemen broodjes en koffie mee) en horen de auto’s van het circuit al ronken. Aangezien Edwin een formule 1 fan is neemt hij even het verder formidabele leiderschap van Jaap over met een korte lezing over de ontwikkelingen van het Zandvoort circuit in de afgelopen jaren.

Daarna volgt het minst interessante gedeelte van de verder puike route; op een fietspad maar langs een weg met allemaal voorbij razende auto’s die zich stuk voor stuk M. Verstappen wanen. Na een tijdje draaien we gelukkig linksaf, en staan we aan de voet van ‘het kopje van Bloemendaal’. Wat volgt is een kilometer lange beklimming met stijgingspercentages tot 10%. Na het ploegen op het strand worden ook hier de jongens even van de mannen gescheiden maar bovenop bij de brievenbus van ‘de kneet’ (de koning van het kopje) wordt weer gebroederlijk marsjes gegeten geheel belangeloos aangeboden door Wouter.

Na de afdeling passeren we de velden van hockeyclub Bloemendaal en zetten we voort richting Santpoort Zuid. Edwin die normaal pas na ongeveer 35km wat een verbeten trek op zijn gezicht krijgt, begint nu al te linkeballen na 27km. Hij heeft een zwaar maar weert zich kranig. Wouter regelt ondertussen telefonisch gewoon nog even een kinderfeestje thuis waarvoor vier puddingbroodjes zijn aangeschaft en in de koelkast liggen, het thuisfront vraagt zich af of het voldoende is.

Op 32km wordt in het pittoreske Spaardam de laatste pauze ingelast, en alle deelnemers consumeren nog een appelkoek. Via de weilanden belanden we weer in de bewoonde wereld, tikken nog even het oude stadion van HFC Haarlem aan (landskampioen in 1946 maar ter zielen gegaan in 2010), en krijgen nog een snelle rondleiding langs de vele hoogtepunten die de oude binnenstad rijk is. Het beste is er bij enkele deelnemers wel vanaf, maar via de grote markt en dito kerk, volgt nog brouwerij de Jopen en de Sint-Bavokerk om daarna toch ruim binnen de vijf uur weer bij de startlijn te komen, die nu de finishlijn is. Onder het genot van de laatste zonnestralen en door Wouter meegebrachte biertjes zijn de sterke verhalen gelukkig snel weer terug.

Categories:

Tags:

One response

  1. Een middag marathon vergt een totaal andere aanpak dan een ochtend marathon. Hoewel het reglement voorschrijft dat wij, waar ook ter wereld, om 9.00 uur des ochtends de hielen lichten, was het nu echt 13.00 uur (geweest).

    Edwin was als een bok op de haverkist, of het circuit hier de haverkist was blijft de grote vraag, alleen dat circuit lag na een loodzwaar stuk mul strand (vloed) en pas halverwege. Daar op het strand geselde hij iedere zandkorrel. De andere vraag blijft of hij hier zichzelf niet over de de kling joeg. Zelf benoemd hardloopgids van het Noorden wist het toen al, dit gaat niet lang goed.

    In the early 90ties, als een Kurt Cobain getooid met lange blonde manen, werd hij begeerd op elke dansvloer. 30 jaar later, een paar kilo levenservaring zwaarder en zo kaal als een biljartbal wilde hij een bankje delen dat het dichts bij het strand stond op de schoenen te ledigen. Het kakkineuze vrouwmensch dat daar breeduit met haar volumineuze derrière zat begon een hele tirade alwaar een zedendelinquent de hik van zou krijgen.

    Tijdens het 42195 meter genieten kwamen we 100den bankjes tegen. Deze waren nooit bezet tenzij wij op de voorgeschreven 10 (stroopwafel), zaagmans (marsje) en 32 (nog 10, gevulde koek) verwenmomenten aankwamen. Diverse vreemden leken het erom te doen om vlak voor onze neus op zulke momenten neer te zijgen op juist dat leuke uitverkorene bankje. (Tip voor de organisatie: vooraf papier met de tekst “NAT” ophangen.

    Maar toch, het middagzonnetje vreet meer energie dan de doorgaan koude ochtendzon. Goed blijven drinken en eten is eenzelfde wijsheid als gewoon blijven doorlopen of langzaam lopen moet je leren. Hoewel: 4.53 uur op de marathon is met stip mijn langzaamste marathon ooit. De vele hoogtekilometers en kilometers langs mulle zand mogen daarvoor geen excuus zijn.

    Maar dan eindelijk groene weilanden, geen auto’s en allerlei kwetterende zogenaamd uitgestorven weide vogels, midden in de randstad. Het hoogoplopende dispuut “wat is de naam van een vrouwtjes eend” tussen Jaap en De Kale liep zo hoog op dat Siri uitkomst moest bieden. Een Salomonsoordeel kent Siri niet – Eend = Eend, dus hier krijgt De Kale nog een gigantische dreun.

    Gelukkig is Edwin uitzicht dus moet het tempo omlaag. Ander onderwerp. De gids uit het Noorden gaat de verloren zoon bellen. Dit duurt zo lang dat hij plots weer voor ons opduikt. Doorlopen. Haarlem inzicht. En hoe bestaat het, een zeker iemand heeft opnieuw een kilometer meer op het horloge dan de rest. Dit is niet voor het eerst. Zijn ontkennende reactie is als Thomas Dekker die in zijn boek schreef “mechanische doping en afsnijden zou ik nooit doen” terwijl hij verder de (verboden) snoepig volledig leeg at. We lopen door tot het hele peleton 42195 meter op de klok heeft en blikken voldaan terug op de 1e marathon van Haarlem.

    Sluiten wij af met twee vragen voor de mei marathon. 1) Is het “ een kudde” herten of “een roedel” herten… 2) waar wordt de mei marathon gehouden …?

Leave a Reply

Your email address will not be published.